-
Notifications
You must be signed in to change notification settings - Fork 1
Expand file tree
/
Copy path10-MultipleRegression.Rmd
More file actions
1121 lines (780 loc) · 38.9 KB
/
10-MultipleRegression.Rmd
File metadata and controls
1121 lines (780 loc) · 38.9 KB
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
100
101
102
103
104
105
106
107
108
109
110
111
112
113
114
115
116
117
118
119
120
121
122
123
124
125
126
127
128
129
130
131
132
133
134
135
136
137
138
139
140
141
142
143
144
145
146
147
148
149
150
151
152
153
154
155
156
157
158
159
160
161
162
163
164
165
166
167
168
169
170
171
172
173
174
175
176
177
178
179
180
181
182
183
184
185
186
187
188
189
190
191
192
193
194
195
196
197
198
199
200
201
202
203
204
205
206
207
208
209
210
211
212
213
214
215
216
217
218
219
220
221
222
223
224
225
226
227
228
229
230
231
232
233
234
235
236
237
238
239
240
241
242
243
244
245
246
247
248
249
250
251
252
253
254
255
256
257
258
259
260
261
262
263
264
265
266
267
268
269
270
271
272
273
274
275
276
277
278
279
280
281
282
283
284
285
286
287
288
289
290
291
292
293
294
295
296
297
298
299
300
301
302
303
304
305
306
307
308
309
310
311
312
313
314
315
316
317
318
319
320
321
322
323
324
325
326
327
328
329
330
331
332
333
334
335
336
337
338
339
340
341
342
343
344
345
346
347
348
349
350
351
352
353
354
355
356
357
358
359
360
361
362
363
364
365
366
367
368
369
370
371
372
373
374
375
376
377
378
379
380
381
382
383
384
385
386
387
388
389
390
391
392
393
394
395
396
397
398
399
400
401
402
403
404
405
406
407
408
409
410
411
412
413
414
415
416
417
418
419
420
421
422
423
424
425
426
427
428
429
430
431
432
433
434
435
436
437
438
439
440
441
442
443
444
445
446
447
448
449
450
451
452
453
454
455
456
457
458
459
460
461
462
463
464
465
466
467
468
469
470
471
472
473
474
475
476
477
478
479
480
481
482
483
484
485
486
487
488
489
490
491
492
493
494
495
496
497
498
499
500
501
502
503
504
505
506
507
508
509
510
511
512
513
514
515
516
517
518
519
520
521
522
523
524
525
526
527
528
529
530
531
532
533
534
535
536
537
538
539
540
541
542
543
544
545
546
547
548
549
550
551
552
553
554
555
556
557
558
559
560
561
562
563
564
565
566
567
568
569
570
571
572
573
574
575
576
577
578
579
580
581
582
583
584
585
586
587
588
589
590
591
592
593
594
595
596
597
598
599
600
601
602
603
604
605
606
607
608
609
610
611
612
613
614
615
616
617
618
619
620
621
622
623
624
625
626
627
628
629
630
631
632
633
634
635
636
637
638
639
640
641
642
643
644
645
646
647
648
649
650
651
652
653
654
655
656
657
658
659
660
661
662
663
664
665
666
667
668
669
670
671
672
673
674
675
676
677
678
679
680
681
682
683
684
685
686
687
688
689
690
691
692
693
694
695
696
697
698
699
700
701
702
703
704
705
706
707
708
709
710
711
712
713
714
715
716
717
718
719
720
721
722
723
724
725
726
727
728
729
730
731
732
733
734
735
736
737
738
739
740
741
742
743
744
745
746
747
748
749
750
751
752
753
754
755
756
757
758
759
760
761
762
763
764
765
766
767
768
769
770
771
772
773
774
775
776
777
778
779
780
781
782
783
784
785
786
787
788
789
790
791
792
793
794
795
796
797
798
799
800
801
802
803
804
805
806
807
808
809
810
811
812
813
814
815
816
817
818
819
820
821
822
823
824
825
826
827
828
829
830
831
832
833
834
835
836
837
838
839
840
841
842
843
844
845
846
847
848
849
850
851
852
853
854
855
856
857
858
859
860
861
862
863
864
865
866
867
868
869
870
871
872
873
874
875
876
877
878
879
880
881
882
883
884
885
886
887
888
889
890
891
892
893
894
895
896
897
898
899
900
901
902
903
904
905
906
907
908
909
910
911
912
913
914
915
916
917
918
919
920
921
922
923
924
925
926
927
928
929
930
931
932
933
934
935
936
937
938
939
940
941
942
943
944
945
946
947
948
949
950
951
952
953
954
955
956
957
958
959
960
961
962
963
964
965
966
967
968
969
970
971
972
973
974
975
976
977
978
979
980
981
982
983
984
985
986
987
988
989
990
991
992
993
994
995
996
997
998
999
1000
---
title: "10. Algemeen lineair model"
author: "Lieven Clement"
date: "statOmics, Ghent University (https://statomics.github.io)"
output:
html_document:
code_download: true
theme: cosmo
toc: true
toc_float: true
highlight: tango
number_sections: true
pdf_document:
toc: true
number_sections: true
latex_engine: xelatex
---
```{r setup, include=FALSE}
knitr::opts_chunk$set(include = TRUE, comment = NA, echo = TRUE,
message = FALSE, warning = FALSE)
library(tidyverse)
```
Link naar webpage/script die wordt gebruik in de kennisclips:
- [script Hoofdstuk 10](https://statomics.github.io/sbc21/rmd/10-MultipleRegression.html)
# Inleiding
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/3ltCTl4stEI"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
- Tot nu toe: één uitkomst $Y$ en één predictor $X$.
- Vaak handig om meerdere predictors te gebruiken om de respons te modelleren. bijv
1. Associatie tussen X en Y verstoord door confounder: blootstelling aan asbest (X) op de longfunctie (Y ), is leeftijd (C).
2. Welke van een groep variabelen beïnvloedt een gegeven uitkomst. Habitat en menselijke activiteit op biodiversiteit in het regenwoud. (grootte, ouderdom, hoogteligging van het woud $\rightarrow$ bestudeer het simultane effect van die verschillende variabelen
3. Voorspellen van uitkomst voor individuen: zoveel mogelijk predictieve informatie simultaan gebruiken. Verwante predicties (maar dan voor het risico op sterfte) worden dagdagelijks gebruikt in eenheden intensieve zorgen om de ernst van de gezondheidstoestand van een patiënt uit te drukken.
$\rightarrow$ Uitbreiden van enkelvoudige lineaire regressie naar meerdere predictoren.
---
## Prostaatkanker voorbeeld
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/ZdZ5XLaDZi0"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
- Prostaat specific antigen (PSA) en een aantal klinische metingen bij 97 mannen waarvan de prostaat werd verwijderd.
- Associatie van PSA i.f.v.
- tumor volume (lcavol)
- het gewicht van de prostaat (lweight)
- leeftijd (age)
- de goedaardige prostaathypertrofie hoeveelheid (lbph)
- een indicator voor de aantasting van de zaadblaasjes (svi)
- capsulaire penetratie (lcp)
- Gleason score (gleason)
- precentage gleason score 4/5 (pgg45)
---
```{r}
prostate <- read_csv("https://raw.githubusercontent.com/statomics/sbc20/master/data/prostate.csv")
prostate
prostate$svi <- as.factor(prostate$svi)
```
---
```{r , out.width='100%', fig.asp=.8, fig.align='center',echo=FALSE}
library(GGally)
prostate %>%
dplyr::select(-pgg45) %>%
ggpairs()
```
---
# Additief meervoudig lineaire regressie model
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/vATACtD6kpU"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
Afzonderlijke lineaire regressiemodellen, zoals
$$E(Y|X_v)=\beta_0 + \beta_v X_v$$
- Associatie tussen lpsa en 1 variabele vb (lcavol).
- Meer accurate predicties door meerdere predictoren simultaan in rekening te brengen
- Schatting voor parameter $\beta_v$ mogelijks geen zuiver effect van tumor volume.
- $\beta_v$ gemiddeld verschil in log-psa voor patiënten die 1 eenheid in het log tumor volume (lcavol) verschillen.
- Zelfs als lcavol niet is geassocieerd met het lpsa, dan nog kunnen patiënten met een groter tumor volume een hoger lpsa hebben omdat ze bijvoorbeeld een aantasting van de zaadblaasjes hebben (svi status 1).
$\rightarrow$ Confounding.
- Vergelijken van patiënten met zelfde svi status
- Kan eenvoudig via meervoudige lineaire regressiemodellen
---
## Statistisch model
- $p-1$ predictors $X_1,...,X_{p-1}$ en uitkomst $Y$ voor $n$ subjecten
- bijvoorbeeld p-1=3: log kanker volume ($X_v$), log gewicht van de prostaat ($X_w$) en status van de zaadblaasjes ($X_s$)
\begin{equation}
Y_i =\beta_0 + \beta_1 X_{i1} + ... +\beta_{p-1} X_{ip-1} + \epsilon_i
\end{equation}
\begin{equation}
Y_i =\beta_0 + \beta_v X_{iv} +\beta_{w} X_{iw} \beta_{s}X_{is}+ \epsilon_i
\end{equation}
- $\beta_0,\beta_1,...,\beta_{p-1}$ ongekende parameters
- $\epsilon_i$ residuen die niet verklaard kunnen worden door de predictors
- Schatting met *kleinste kwadraten techniek*
---
Model staat toe om:
1. de verwachte uitkomst te voorspellen voor subjecten gegeven hun waarden $x_1,...,x_{p-1}$ voor de predictoren.
\[ E[Y\vert X_1=x_1, \ldots X_{p-1}=x_{p-1}]=\hat{\beta}_0+\hat{\beta}_1x_1+...+\hat{\beta}_{p-1}x_{p-1}\]
2. Verschilt gemiddelde uitkomst tussen 2 groepen subjecten die $\delta$ eenheden verschillen in een verklarende variabele $X_j$ maar dezelfde waarden hebben voor alle andere variabelen $\{X_k,k=1,...,p,k\ne j\}$.
$$
\begin{array}{l}
E(Y|X_v=x_v+\delta,X_w=x_w,X_{s}=x_{s}) \\
\quad\quad - E(Y|X_v=x_v,X_w=x_w,X_{s}=x_{s}) \\\\
\quad =\beta_0 + \beta_v (x_v +\delta) + \beta_w x_w+ \beta_{s} x_{s}\\
\quad\quad- \beta_0 - \beta_v x_v - \beta_wx_w-\beta_{s} x_{s} \\\\
\quad= \beta_v\delta
\end{array}
$$
Interpretatie $\beta_v$:
- verschil in gemiddelde uitkomst tussen subjecten die in één eenheid van log tumor volume ($X_v$) verschillen, maar dezelfde waarde hebben voor de overige verklarende variabelen ($X_w$ en $X_s$) in het model.
of
- Effect van predictor log tumor volume waarbij gecorrigeerd wordt voor de overige predictoren, hier dus associatie van tumor volume na correctie voor prostaatgewicht en svi-status.
---
### Prostate voorbeeld
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/5Im-lIB4jGs"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
```{r}
lmV <- lm(lpsa ~ lcavol, prostate)
summary(lmV)
```
---
```{r}
lmVWS <- lm(lpsa~lcavol + lweight + svi, prostate)
summary(lmVWS)
```
Na terug transformatie
```{r}
lmVWS$coef %>% exp
```
---
```{r out.width='80%', fig.asp=.8, fig.align='center', message=FALSE,echo=FALSE}
library(plot3D)
grid.lines = 10
x <- prostate$lcavol
y <- prostate$lweight
z <- prostate$lpsa
fit <- lm(z~x+y+svi,data=prostate)
x.pred <- seq(min(x), max(x), length.out = grid.lines)
y.pred <- seq(min(y), max(y), length.out = grid.lines)
# fitted points for droplines to surface
th=20
ph=5
scatter3D(x, y, z, pch = 16,col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)], cex = .75,
theta = th, phi = ph, ticktype = "detailed",
xlab = "lcavol", ylab = "lweight", zlab = "lpsa",
colvar=FALSE,bty = "g")
for (i in 1:nrow(prostate))
lines3D(x=rep(prostate$lcavol[i],2),y=rep(prostate$lweight[i],2),z=c(prostate$lpsa[i],lmVWS$fit[i]),col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)[i]],add=TRUE,lty=2)
z.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS$coef[1]+lmVWS$coef[2]*x+lmVWS$coef[3]*y})
x.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) x)
y.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) y)
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z.pred3D,col="blue",facets=NA,add=TRUE)
z2.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS$coef[1]+lmVWS$coef[4]+lmVWS$coef[2]*x+lmVWS$coef[3]*y})
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z2.pred3D,col="red",facets=NA,add=TRUE)
```
---
# Besluitvorming in algemeen lineair regressiemodellen
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/6AbrMvfGXVw"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
Als gegevens representatief zijn dan zijn kleinste kwadraten schatters voor het intercept en de hellingen onvertekend.
$$E[\hat \beta_j]=\beta_j,\quad j=0,\ldots,p-1.$$
- Om resultaten uit de steekproef te kunnen veralgemenen naar de populatie is inzicht nodig in de verdeling van de parameterschatters.
- Om dat op basis van slechts één steekproef te kunnen doen zijn bijkomende veronderstellingen nodig.
1. *Lineariteit*
2. *Onafhankelijkheid*
3. *Homoscedasticiteit* of *gelijke variantie*
4. *Normaliteit*: residuen $\epsilon_i$ zijn normaal verdeeld
Onder deze aannames geldt:
$$\epsilon_i \sim N(0,\sigma^2).$$
en
$$Y_i\sim N(\beta_0+\beta_1 X_{i1}+\ldots+\beta_{p-1} X_{ip-1},\sigma^2)$$
---
- Hellingen zullen opnieuw nauwkeuriger worden geschat als de observaties meer gespreid zijn.
- De conditionele variantie ($\sigma^2$) opnieuw schatten op basis van de *mean squared error* (MSE):
$$\hat\sigma^2=MSE=\frac{\sum\limits_{i=1}^n \left(y_i-\hat\beta_0-\hat\beta_1 X_{i1}-\ldots-\hat\beta_{p-1} X_{ip-1}\right)^2}{n-p}=\frac{\sum\limits_{i=1}^n e^2_i}{n-p}.$$
Opnieuw toetsen en betrouwbaarheidsintervallen via
$$T_k=\frac{\hat{\beta}_k-\beta_k}{SE(\hat{\beta}_k)} \text{ met } k=0, \ldots, p-1.$$
Als aan alle aannames is voldaan dan volgen deze statistieken $T_k$ een t-verdeling met $n-p$ vrijheidsgraden.
---
Wanneer niet is voldaan aan de veronderstelling van normaliteit maar wel aan lineariteit, onafhankelijkheid en homoscedasticiteit dan kunnen we voor inferentie opnieuw beroep doen op de centrale limietstelling die zegt dat de statistiek $T_k$ bij benadering een standaard Normale verdeling zal volgen wanneer het aantal observaties voldoende groot is.
---
Voor het prostaatkanker voorbeeld kunnen we de effecten in de steekproef opnieuw veralgemenen naar de populatie toe door betrouwbaarheidsintervallen te bouwen voor de hellingen:
$$[\hat\beta_j - t_{n-p,\alpha/2} \text{SE}_{\hat\beta_j},\hat\beta_j + t_{n-p,\alpha/2} \text{SE}_{\hat\beta_j}]$$.
```{r}
confint(lmVWS)
```
---
Formele hypothese testen:
$$H_0: \beta_j=0$$
$$H_1: \beta_j\neq0$$
met test statistiek
$$T=\frac{\hat{\beta}_j-0}{SE(\hat{\beta}_j)}$$
die een t-verdeling volgt met $n-p$ vrijheidsgraden onder $H_0$
---
```{r}
summary(lmVWS)
```
---
## Nagaan van modelveronderstellingen
```{r}
plot(lmVWS)
```
---
## Het niet-additieve meervoudig lineair regressiemodel
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/gdm0_Hh7Abc"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
### Interactie tussen een continue variabele en een factor variabele
- Het vorige model wordt het additief model genoemd omdat de bijdrage van het kanker volume in lpsa niet afhangt van de hoogte van het prostaat gewicht en de status van de zaadblaasjes.
- De helling voor lcavol hangt m.a.w. niet af van de hoogte van het log prostaat gewicht en de status van de zaadblaasjes.
$$
\begin{array}{l}
E[Y\vert X_v=x_v + \delta_v, X_w = x_w, X_S = x_s] - E[Y\vert X_v=x_v, X_w=x_w, X_s=x_s] = \\
\quad\quad \left[\beta_0 + \beta_v (x_{v}+\delta_v) + \beta_w x_{w} +\beta_s x_{s}\right] - \left[\beta_0 + \beta_v x_{v} + \beta_w x_{w} +\beta_s x_s\right] \\
\quad\quad = \beta_v \delta_v
\end{array}
$$
De svi status en de hoogte van het log-prostaatgewicht ($x_w$) heeft geen invloed op de bijdrage van het log-tumorvolume ($x_v$) in de gemiddelde log-prostaat antigeen concentratie en vice versa.
---
- Het zou nu echter kunnen zijn dat de associatie tussen lpsa en lcavol wel afhangt van de status van de zaadblaasjes.
- De gemiddelde toename in lpsa tussen patiënten die één eenheid van log-tumorvolume verschillen zou bijvoorbeeld lager kunnen zijn voor patiënten met aangetaste zaadblaasjes dan voor patienten met niet-aangetaste zaadblaasjes.
- Het effect van het tumorvolume op de prostaat antigeen concentratie hangt in dit geval af van de status van de zaadblaasjes.
Om deze **interactie** of **effectmodificatie** tussen variabelen $X_v$ en $X_s$, en $X_w$ en $X_s$ statistisch te modelleren, kan men de producten van beide variabelen in kwestie aan het model toevoegen
$$
Y_i = \beta_0 + \beta_v x_{iv} + \beta_w x_{iw} +\beta_s x_{is} + \beta_{vs} x_{iv}x_{is} + \beta_{ws} x_{iw}x_{is} +\epsilon_i
$$
Deze termen kwantificeren de *interactie-effecten* van respectievelijk de predictoren $x_v$ en $x_s$, en, $x_v$ en $x_s$ op de gemiddelde uitkomst.
In dit model worden de termen $\beta_vx_{iv}$, $\beta_wx_{iw}$ en $\beta_sx_{is} dikwijls de *hoofdeffecten* van de predictoren $x_v$, $x_w$ en $x_s$ genoemd.
```{r}
lmVWS_IntVS_WS <- lm(
lpsa ~
lcavol +
lweight +
svi +
svi:lcavol +
svi:lweight,
data = prostate)
summary(lmVWS_IntVS_WS)
```
---
Omdat $X_S$ een dummy variabele is, verkrijgen we verschillende regressievlakken:
1. Model voor $X_s=0$: $$Y=\beta_0+\beta_vX_v+\beta_wX_w + \epsilon$$ waar de hoofdeffecten de hellingen voor lcavol en lweight zijn
2. en het model voor $X_s=1$:
$$\begin{array}{lcl}
Y&=&\beta_0+\beta_vX_v+\beta_s+\beta_wX_w+\beta_{vs}X_v + \beta_{ws}X_w +\epsilon\\
&=& (\beta_0+\beta_s)+(\beta_v+\beta_{vs})X_v+(\beta_w+\beta_{ws})X_w+\epsilon
\end{array}$$
met intercept $\beta_0+\beta_s$ en hellingen $\beta_v+\beta_{vs}$ en $\beta_w+\beta_{ws}$
---
```{r out.width='100%', fig.asp=.8, fig.align='center', message=FALSE,echo=FALSE}
par(mfrow=c(1,2))
library(plot3D)
grid.lines = 10
x<-prostate$lcavol
y<-prostate$lweight
z<-prostate$lpsa
fit<-lm(z~x+y+svi,data=prostate)
x.pred <- seq(min(x), max(x), length.out = grid.lines)
y.pred <- seq(min(y), max(y), length.out = grid.lines)
# fitted points for droplines to surface
th=-25
ph=5
scatter3D(x, y, z, pch = 16,col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)], cex = .75,
theta = th, phi = ph, ticktype = "detailed",
xlab = "lcavol", ylab = "lweight", zlab = "lpsa",
colvar=FALSE,bty = "g",main="Additive model")
for (i in which(prostate$svi=="healthy"))
lines3D(x=rep(prostate$lcavol[i],2),y=rep(prostate$lweight[i],2),z=c(prostate$lpsa[i],lmVWS$fit[i]),col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)[i]],add=TRUE,lty=2)
z.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS$coef[1]+lmVWS$coef[2]*x+lmVWS$coef[3]*y})
x.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) x)
y.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) y)
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z.pred3D,col="blue",facets=NA,add=TRUE)
z2.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS$coef[1]+lmVWS$coef[4]+lmVWS$coef[2]*x+lmVWS$coef[3]*y})
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z2.pred3D,col="orange",facets=NA,add=TRUE)
scatter3D(x, y, z, pch = 16,col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)], cex = .75,
theta = th, phi = ph, ticktype = "detailed",
xlab = "lcavol", ylab = "lweight", zlab = "lpsa",
colvar=FALSE,bty = "g",main="Model met lcavol:lweight interactie")
for (i in which(prostate$svi=="healthy"))
lines3D(x=rep(prostate$lcavol[i],2),y=rep(prostate$lweight[i],2),z=c(prostate$lpsa[i],lmVWS_IntVS_WS$fit[i]),col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)[i]],add=TRUE,lty=2)
z.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS_IntVS_WS$coef[1]+lmVWS_IntVS_WS$coef[2]*x+lmVWS_IntVS_WS$coef[3]*y})
x.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) x)
y.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) y)
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z.pred3D,col="blue",facets=NA,add=TRUE)
z2.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS_IntVS_WS$coef[1]+lmVWS_IntVS_WS$coef[4]+lmVWS_IntVS_WS$coef[2]*x+lmVWS_IntVS_WS$coef[3]*y+lmVWS_IntVS_WS$coef[5]*x+lmVWS_IntVS_WS$coef[6]*y})
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z2.pred3D,col="orange",facets=NA,add=TRUE)
```
### Interactie tussen twee continue variabelen
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/LWBXS4mYbMI"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
- Het zou nu echter kunnen zijn dat de associatie tussen lpsa en lcavol afhangt van het prostaatgewicht.
- De gemiddelde toename in lpsa tussen patiënten die één eenheid van log-tumorvolume verschillen zou bijvoorbeeld lager kunnen zijn voor patiënten met een hoog prostaatgewicht dan bij patiënten met een laag prostaatgewicht.
- Het effect van het tumorvolume op de prostaat antigeen concentratie hangt in dit geval af van het prostaatgewicht.
Om deze **interactie** of **effectmodificatie** tussen 2 variabelen $X_v$ en $X_w$ statistisch te modelleren, kan men het product van beide variabelen in kwestie aan het model toevoegen
$$
Y_i = \beta_0 + \beta_v x_{iv} + \beta_w x_{iw} +\beta_s x_{is} + \beta_{vw} x_{iv}x_{iw} +\epsilon_i
$$
Deze term kwantificeert het *interactie-effect* van de predictoren $x_v$ en $x_w$ op de gemiddelde uitkomst.
---
Het effect van een verschil in 1 eenheid in $X_v$ op de gemiddelde uitkomst bedraagt nu:
$$
\begin{array}{l}
E(Y | X_v=x_v +1, X_w=x_w, X_s=x_s) - E(Y | X_v=x_v, X_w=x_w, X_s=x_s) \\
\quad = \left[\beta_0 + \beta_v (x_{v}+1) + \beta_w x_w +\beta_s x_{s} + \beta_{vw} (x_{v}+1) x_w \right] - \left[\beta_0 + \beta_v x_{v} + \beta_w x_w + \beta_s x_{s} + \beta_{vw} (x_{v}) x_w \right]\\
\quad = \beta_v + \beta_{vw} x_w
\end{array}
$$
---
```{r}
lmVWS_IntVW <- lm(
lpsa ~ lcavol +
lweight +
svi +
lcavol:lweight,
prostate)
summary(lmVWS_IntVW)
```
---
```{r out.width='100%', fig.asp=.8, fig.align='center', message=FALSE,echo=FALSE}
par(mfrow=c(1,2))
library(plot3D)
grid.lines = 10
x<-prostate$lcavol
y<-prostate$lweight
z<-prostate$lpsa
fit<-lm(z~x+y+svi,data=prostate)
x.pred <- seq(min(x), max(x), length.out = grid.lines)
y.pred <- seq(min(y), max(y), length.out = grid.lines)
# fitted points for droplines to surface
th=-25
ph=5
scatter3D(x, y, z, pch = 16,col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)], cex = .75,
theta = th, phi = ph, ticktype = "detailed",
xlab = "lcavol", ylab = "lweight", zlab = "lpsa",
colvar=FALSE,bty = "g",main="Additive model")
for (i in which(prostate$svi=="healthy"))
lines3D(x=rep(prostate$lcavol[i],2),y=rep(prostate$lweight[i],2),z=c(prostate$lpsa[i],lmVWS$fit[i]),col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)[i]],add=TRUE,lty=2)
z.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS$coef[1]+lmVWS$coef[2]*x+lmVWS$coef[3]*y})
x.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) x)
y.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) y)
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z.pred3D,col="blue",facets=NA,add=TRUE)
scatter3D(x, y, z, pch = 16,col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)], cex = .75,
theta = th, phi = ph, ticktype = "detailed",
xlab = "lcavol", ylab = "lweight", zlab = "lpsa",
colvar=FALSE,bty = "g",main="Model met lcavol:lweight interactie")
for (i in which(prostate$svi=="healthy"))
lines3D(x=rep(prostate$lcavol[i],2),y=rep(prostate$lweight[i],2),z=c(prostate$lpsa[i],lmVWS_IntVW$fit[i]),col=c("darkblue","red")[as.double(prostate$svi)[i]],add=TRUE,lty=2)
z.pred3D <- outer(x.pred, y.pred, function(x,y) {lmVWS_IntVW$coef[1]+lmVWS_IntVW$coef[2]*x+lmVWS_IntVW$coef[3]*y+lmVWS_IntVW$coef[5]*x*y})
x.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) x)
y.pred3D <- outer(x.pred,y.pred,function(x,y) y)
surf3D(x.pred3D,y.pred3D,z.pred3D,col="blue",facets=NA,add=TRUE)
```
---
- Merk op, dat het interactie effect dat geobserveerd wordt in de steekproef echter statistisch niet significant is (p=`r round(summary(lmVWS_IntVW)$coef[5,4],2)`).
- Gezien de hoofdeffecten die betrokken zijn in een interactie term niet los van elkaar kunnen worden geïnterpreteerd is de conventie om een interactieterm uit het model te verwijderen wanneer die niet significant is.
- Na verwijdering van de niet-significante interactieterm kunnen de hoofdeffecten worden geïnterpreteerd.
---
### Interactie tussen twee factor variabelen
Zie aparte presentatie over factoriële designs
---
# ANOVA Tabel
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/Y4klT3eXJwI"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
De totale kwadratensom SSTot is opnieuw
$$
\text{SSTot} = \sum_{i=1}^n (Y_i - \bar{Y})^2.
$$
Ook de residuele kwadratensom is zoals voorheen.
$$
\text{SSE} = \sum_{i=1}^n (Y_i-\hat{Y}_i)^2.
$$
Dan geldt de volgende decompositie van de totale kwadratensom,
$$
\text{SSTot} = \text{SSR} + \text{SSE} ,
$$
met
$$
\text{SSR} = \sum_{i=1}^n (\hat{Y}_i-\bar{Y})^2.
$$
---
Voor de vrijheidsgraden en de gemiddelde kwadratensommen geldt:
- SSTot heeft $n-1$ vrijheidsgraden en $\text{SSTot}/(n-1)$ is een schatter voor de variantie van $Y$ (van de marginale distributie van $Y$).
- SSE heeft $n-p$ vrijheidsgraden en $\text{MSE}=\text{SSE}/(n-p)$ is een schatter voor de residuele variantie van $Y$ gegeven de regressoren (i.e. een schatter voor de residuele variantie $\sigma^2$ van de foutterm $\epsilon$).
- SSR heeft $p-1$ vrijheidsgraden en $\text{MSR}=\text{SSR}/(p-1)$ is de gemiddelde kwadratensom van de regressie.
De determinatiecoëfficiënt blijft zoals voorheen, i.e.
$$
R^2 = 1-\frac{\text{SSE}}{\text{SSTot}} = \frac{\text{SSR}}{\text{SSTot}}
$$
is de fractie van de totale variabiliteit in de uitkomsten die verklaard wordt door het regressiemodel.
De teststatistiek $F=\text{MSR}/\text{MSE}$ is onder $H_0:\beta_1=\ldots=\beta_{p-1}=0$ verdeeld als $F_{p-1;n-p}$.
---
```{r, echo=FALSE}
summary(lmVWS)
```
---
## Extra Kwadratensommen
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/LXgh32U9Dq4"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
Beschouw de volgende twee regressiemodellen voor regressoren $x_1$ en $x_2$:
$$
Y_i = \beta_0+\beta_1 x_{i1} + \epsilon_i,
$$
met $\epsilon_i\text{ iid } N(0,\sigma_1^{2})$, en
$$
Y_i = \beta_0+\beta_1 x_{i1}+\beta_2 x_{i2} + \epsilon_i,
$$
met $\epsilon_i\text{ iid } N(0,\sigma_2^{2})$.
Voor het eerste (gereduceerde) model geldt de decompositie
\[
\text{SSTot} = \text{SSR}_1 + \text{SSE}_1
\]
en voor het tweede (niet-gereduceerde) model
\[
\text{SSTot} = \text{SSR}_2 + \text{SSE}_2
\]
(SSTot is uiteraard dezelfde in beide modellen omdat dit niet afhangt van het regressiemodel).
---
**Definitie extra kwadratensom**
De *extra kwadratensom* (Engels: *extra sum of squares*) van predictor $x_2$ t.o.v. het model met enkel $x_1$ als predictor wordt gegeven door
$$
\text{SSR}_{2\mid 1} = \text{SSE}_1-\text{SSE}_2=\text{SSR}_2-\text{SSR}_1.
$$
**Einde definitie**
Merk eerst op dat $\text{SSE}_1-\text{SSE}_2=\text{SSR}_2-\text{SSR}_1$ triviaal is gezien de decomposities van de totale kwadratensommen.
De extra kwadratensom $\text{SSR}_{2\mid 1}$ kan eenvoudig geïnterpreteerd worden als de extra variantie van de uitkomst die verklaard kan worden door regressor $x_2$ toe te voegen aan een model waarin regressor $x_1$ reeds aanwezig is.
Met dit nieuw soort kwadratensom kunnen we voor het model met twee predictoren schrijven
$$
\text{SSTot} = \text{SSR}_1+ \text{SSR}_{2\mid 1} + \text{SSE}.
$$
Dit volgt rechtstreeks uit de definitie van de extra kwadratensom $\text{SSR}_{2\mid 1}$.
---
Uitbreiding: Zonder in te boeten in algemeenheid starten we met de regressiemodellen ($s<p-1$)
$$
Y_i = \beta_0 + \beta_1 x_{i1} + \cdots + \beta_{s} x_{is} + \epsilon_i
$$
met $\epsilon_i\text{ iid }N(0,\sigma_1^{2})$, en ($s< q\leq p-1$)
$$
Y_i = \beta_0 + \beta_1 x_{i1} + \cdots + \beta_{s} x_{is} + \beta_{s+1} x_{is+1} + \cdots \beta_{q}x_{iq}+ \epsilon_i
$$
met $\epsilon_i\text{ iid } N(0,\sigma_2^{2})$.
De **extra kwadratensom** van predictoren $x_{s+1}, \ldots, x_q$ t.o.v. het model met enkel de predictoren $x_1,\ldots, x_{s}$ wordt gegeven door
$$
\text{SSR}_{s+1, \ldots, q\mid 1,\ldots, s} = \text{SSE}_1-\text{SSE}_2=\text{SSR}_2-\text{SSR}_1.
$$
---
### Type I Kwadratensommen
Stel dat $p-1$ regressoren beschouwd worden, en beschouw een sequentie van modellen ($s=2,\ldots, p-1$)
$$
Y_i = \beta_0 + \sum_{j=1}^{s} \beta_j x_{ij} + \epsilon_i
$$
met $\epsilon_i\text{ iid } N(0,\sigma^{2})$.
- De overeenkomstige kwadratensommen worden genoteerd als $\text{SSR}_{s}$ en $\text{SSE}_{s}$.
- De modelsequentie geeft ook aanleiding tot extra kwadratensommen $\text{SSR}_{s\mid 1,\ldots, s-1}$.
- Deze laatste kwadratensom wordt een type I kwadratensom genoemd. Merk op dat deze afhangt van de volgorde (nummering) van regressoren.
---
Er kan aangetoond worden dat voor Model met $s=p-1$ geldt
$$
\text{SSTot} = \text{SSR}_1 + \text{SSR}_{2\mid 1} + \text{SSR}_{3\mid 1,2} + \cdots + \text{SSR}_{p-1\mid 1,\ldots, p-2} + \text{SSE},
$$
met $\text{SSE}$ de residuele kwadratensom van het model met alle $p-1$ regressoren en
$$
\text{SSR}_1 + \text{SSR}_{2\mid 1} + \text{SSR}_{3\mid 1,2} + \cdots + \text{SSR}_{p-1\mid 1,\ldots, p-2} = \text{SSR}
$$
met $\text{SSR}$ de kwadratensom van de regressie van het model met alle $p-1$ regressoren.
- Interpretatie van iedere term afhangt van de volgorde van de regressoren in de sequentie van regressiemodellen.
---
- Iedere type I SSR heeft betrekking op het effect van 1 regressor en heeft dus 1 vrijheidsgraad.
- Voor iedere type I SSR term kan een gemiddelde kwadratensom gedefinieerd worden als $\text{MSR}_{j\mid 1,\ldots, j-1}=\text{SSR}_{j\mid 1,\ldots, j-1}/1$.
- De teststatistiek $F=\text{MSR}_{j\mid 1,\ldots, j-1}/\text{MSE}$ is onder $H_0:\beta_j=0$ met $s=j$ verdeeld als $F_{1;n-(j+1)}$.
- Deze kwadratensommen worden standaard weergegeven door de anova functie in R.
---
### Type III Kwadratensommen
De type III kwadratensom van regressor $x_j$ wordt gegeven door de extra kwadratensom
$$
\text{SSR}_{j \mid 1,\ldots, j-1,j+1,\ldots, p-1} = \text{SSE}_1-\text{SSE}_2
$$
- $\text{SSE}_2$ de residuele kwadratensom van regressiemodel met alle $p-1$ regressoren.
- $\text{SSE}_1$ de residuele kwadratensom van regressiemodel met alle $p-1$ regressoren, uitgezonderd regressor $x_j$.
De type III kwadratensom $\text{SSR}_{j \mid 1,\ldots, j-1,j+1,\ldots, p-1}$ kwantificeert dus het aandeel van de totale variantie van de uitkomst dat door regressor $x_j$ verklaard wordt en dat niet door de andere $p-2$ regressoren verklaard wordt.
---
De type III kwadratensom heeft ook 1 vrijheidsgraad omdat het om 1 $\beta$-parameter gaat.
Voor iedere type III SSR term kan een gemiddelde kwadratensom gedefinieerd worden als $\text{MSR}_{j \mid 1,\ldots, j-1,j+1,\ldots, p-1}=\text{SSR}_{j \mid 1,\ldots, j-1,j+1,\ldots, p-1}/1$.
De teststatistiek $F=\text{MSR}_{j \mid 1,\ldots, j-1,j+1,\ldots, p-1}/\text{MSE}$ is onder $H_0:\beta_j=0$ verdeeld as $F_{1;n-p}$.
---
```{r}
library(car)
Anova(lmVWS,type=3)
```
p-waarden identiek aan die van tweezijdige t-testen
Merk echter op dat alle dummy's voor factoren met meerdere niveaus in één keer uit het model worden gehaald. De type III sum of squares heeft dus evenveel vrijheidsgraden als het aantal dummy's en er wordt een omnibustest uitgevoerd voor het effect van de factor.
---
# Diagnostiek
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/6t84tO2zOcs"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
## Multicollineariteit
```{r echo=FALSE}
summary(lmVWS)
```
---
```{r echo=FALSE}
summary(lmVWS_IntVW)
```
---
- Schattingen verschillend van additief model en standaardfouten zijn veel groter!
- De oorzaak is probleem van multicollineariteit.
- Als 2 predictoren sterk gecorreleerd zijn, dan delen ze voor een groot stuk dezelfde informatie
- Moeilijk om de afzonderlijke effecten van beiden op de uitkomst te schatten.
- Kleinste kwadratenschatters onstabiel wordt
- Standaard errors kunnen worden opgeblazen
- Zolang men enkel predicties tracht te bekomen op basis van het regressiemodel zonder daarbij te extrapoleren buiten het bereik van de predictoren is multicollineariteit geen probleem.
- Wel probleem voor inferentie
---
```{r}
cor(cbind(prostate$lcavol,prostate$lweight,prostate$lcavol*prostate$lweight))
```
- hoge correlatie tussen log-tumorvolume en interactieterm.
- Is een gekend probleem voor hogere orde termen (interacties en kwadratische termen)
---
- Multicollineariteit opsporen a.d.h.v. correlatie matrix of scatterplot matrix is niet ideaal.
- Geen idee in welke mate de geobserveerde multicollineariteit de resultaten onstabiel maakt.
- In modellen met 3 of meerdere predictoren, zeg X1, X2, X3 kan er zware multicollineariteit optreden ondanks dat alle paarsgewijze correlaties tussen de predictoren laag zijn.
- Ook multicollineariteit als er een hoge correlatie is tussen X1 en een lineaire combinatie van X2 en X3.
---
### Variance inflation factor (VIF)
Voor de $j$-de parameter in het regressiemodel gedefinieerd wordt als
\[\textrm{VIF}_j=\left(1-R_j^2\right)^{-1}\]
- In deze uitdrukking stelt $R_j^2$ de meervoudige determinatiecoëfficiënt voor van een lineaire regressie van de $j$-de predictor op alle andere predictoren in het model.
- VIF is 1 als $j$-de predictor niet lineair geassocieerd is met de andere predictoren in het model.
- VIF is groter dan 1 in alle andere gevallen.
- VIF is factor waarmee geobserveerde variantie groter is dan wanneer alle predictoren onafhankelijk zouden zijn.
- VIF > 10 $\rightarrow$ ernstige multicollineariteit.
---
### Body fat voorbeeld
```{r out.width='90%', fig.asp=.8, fig.align='center', message=FALSE,echo=FALSE}
bodyfat <- read_delim("https://raw.githubusercontent.com/statomics/sbc20/master/data/bodyfat.txt",delim=" ")
bodyfat %>% ggpairs()
```
---
```{r echo=FALSE}
lmFat <- lm(
Body_fat ~
Triceps +
Thigh +
Midarm,
data = bodyfat)
summary(lmFat)
```
---
```{r}
vif(lmFat)
```
---
```{r echo=FALSE}
lmMidarm <- lm(
Midarm ~
Triceps +
Thigh,
data = bodyfat)
summary(lmMidarm)
```
---
We evalueren nu de VIF in het prostaatkanker voorbeeld voor het additieve model en het model met interactie.
```{r}
vif(lmVWS)
vif(lmVWS_IntVW)
```
- Inflatie voor interactietermen wordt vaak veroorzaakt door het feit dat het hoofdeffect een andere interpretatie krijgt.
---
## Invloedrijke Observaties
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/CcZE9mRUSTE"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
```{r echo=FALSE}
set.seed(112358)
nobs<-20
sdy<-1
x<-seq(0,1,length=nobs)
y<-10+5*x+rnorm(nobs,sd=sdy)
x1<-c(x,0.5)
y1 <- c(y,10+5*1.5+rnorm(1,sd=sdy))
x2 <- c(x,1.5)
y2 <- c(y,y1[21])
x3 <- c(x,1.5)
y3 <- c(y,11)
plot(x,y,xlim=range(c(x1,x2,x3)),ylim=range(c(y1,y2,y3)))
points(c(x1[21],x2[21],x3[21]),c(y1[21],y2[21],y3[21]),pch=as.character(1:3),col=2:4)
abline(lm(y~x),lwd=2)
abline(lm(y1~x1),col=2,lty=2,lwd=2)
abline(lm(y2~x2),col=3,lty=3,lwd=2)
abline(lm(y3~x3),col=4,lty=4,lwd=2)
legend("topleft",col=1:4,lty=1:4,legend=paste("lm",c("",as.character(1:3))),text.col=1:4)
```
---
- Het is niet wenselijk dat een enkele waarneming het resultaat van een lineaire regressieanalyse grotendeels bepaald
- Diagnostieken die ons toelaten om extreme observaties op te sporen
- *Studentized residu's* om outliers op te sporen
- *leverage (invloed, hefboom)* om observaties met extreem covariaatpatroon op te sporen
---
### Cook's distance
- Een meer rechtstreekse maat om de invloed van elke observatie op de regressie-analyse uit te drukken
- Cook's distance voor $i$-de observatie is een diagnostische maat voor de invloed van die observatie op alle predicties of voor haar invloed op *alle* geschatte parameters.
\[D_i=\frac{\sum_{j=1}^n(\hat{Y}_j-\hat{Y}_{j(i)})^2}{p\textrm{MSE}}\]
- Als Cook's distance $D_i$ groot is, dan heeft de $i$-de observatie een grote invloed op de predicties en geschatte parameters.
- Extreme Cook's distance als het het 50\% percentiel van de $F_{p,n-p}$-verdeling overschrijdt.
---
```{r out.width='100%', fig.asp=.8, fig.align='center', message=FALSE, echo=FALSE}
par(mfrow=c(2,2))
plot(lmVWS,which=5)
plot(lmVWS_IntVW,which=5)
plot(cooks.distance(lmVWS),type="h",ylim=c(0,1),main="Additive model")
abline(h=qf(0.5,length(lmVWS$coef),nrow(prostate)-length(lmVWS$coef)),lty=2)
plot(cooks.distance(lmVWS_IntVW),type="h",ylim=c(0,1), main="Model with lcavol:lweight interaction")
abline(h=qf(0.5,length(lmVWS_IntVW$coef),nrow(prostate)-length(lmVWS_IntVW$coef)),lty=2)
```
---
- Eenmaal men vastgesteld heeft dat een observatie invloedrijk is, kan men zogenaamde *DFBETAS* gebruiken om te bepalen op welke parameter(s) ze een grote invloed uitoefent.
- DFBETAS van de $i$-de observatie vormen een diagnostische maat voor de invloed van die observatie *op elke regressieparameter afzonderlijk*
$$\textrm{DFBETAS}_{j(i)}=\frac{\hat{\beta}_{j}-\hat{\beta}_{j(i)}}{\textrm{SD}(\hat{\beta}_{j})}$$
- DFBETAS extreem is wanneer ze 1 overschrijdt in kleine tot middelgrote datasets en $2/\sqrt{n}$ in grote datasets
---
```{r out.width='90%', fig.asp=.8, fig.align='center', message=FALSE, echo=FALSE}
par(mfrow=c(2,2))
dfbetasPlots(lmVWS)
```
---
```{r out.width='90%', fig.align='center', message=FALSE, echo=FALSE}
par(mfrow=c(2,2))
dfbetasPlots(lmVWS_IntVW)
```
---
```{r out.width='100%',fig.align='center', message=FALSE, echo=FALSE}
boxplot(exp(prostate$lweight),ylab="Prostate Weight (g)")
```
---
# Constrasten
<iframe width="560" height="315"
src="https://www.youtube.com/embed/TXuXuve20wM"
frameborder="0"
style="display: block; margin: auto;"
allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe>
- Bij meer complexe algemene lineaire modellen wenst men dikwijls meerdere hypothesen te toetsen.
- Bovendien vertalen de onderzoekshypotheses zich hierbij niet steeds in één parameter, maar in een lineaire combinatie van modelparameters.
- Een lineaire combinatie van modelparameters wordt ook een contrast genoemd.
## NHANES voorbeeld
- Stel dat de onderzoekers de associatie tussen de leeftijd en de bloeddruk wensen te bestuderen. Mogelijks is die associatie anders is bij mannen dan vrouwen.
- De onderzoekers wensen de volgende onderzoeksvragen te beantwoorden:
- Is er een associatie tussen leeftijd en de bloeddruk bij vrouwen?
- Is er een associatie tussen leeftijd en de bloeddruk bij mannen?
- Is de associatie tussen leeftijd en de bloeddruk verschillend bij mannen dan bij vrouwen?
## Model
We fitten een model op basis van de gemiddelde systolische bloeddruk (`BPSysAve`) in functie van de leeftijd, geslacht en een interactie tussen leeftijd en geslacht voor volwassen blanke subjecten uit de NHANES studie.
```{r}
library(NHANES)
bpData <- NHANES %>%
filter(
Race1 =="White" &
Age >= 18 &
!is.na(BPSysAve)
)
mBp1 <- lm(BPSysAve ~ Age*Gender, bpData)
par(mfrow = c(2,2))
plot(mBp1)
```
- Aannames van het model zijn niet voldaan!
- lineariteit lijkt ok
- heteroscedasticiteit
- Geen normaliteit: scheve verdeling met staart naar rechts.
- Grote dataset we kunnen steunen op de CLT
### Transformatie
We fitten een model op basis van de log2 getransformeerde gemiddelde systolische bloeddruk (`BPSysAve`) in functie van de leeftijd, geslacht en een interactie tussen leeftijd en geslacht.
```{r}
mBp2 <- lm(BPSysAve %>% log2 ~ Age*Gender, bpData)
par(mfrow = c(2,2))
plot(mBp2)
```
- De residuen tonen nog steeds heteroscedasticiteit.