-
Notifications
You must be signed in to change notification settings - Fork 0
ZAP Probleemoplossing
| status ❌ |
|
|---|---|
| Taal | ✅ |
| Instructies | ❌ |
| (Dead) Links | ✅ |
❌ goed dat deze lijst er is maar dit is onvoldoende helpen, moet uitgebreider
- Browser start niet bij opname: start Firefox handmatig; ZAP snuffelt via proxy.
- Geen output bij sequence headless: gebruik GUI Output-tab.
- Context mismatch: Automation-context ≠ GUI-context → plan opnieuw genereren.
- SAML-token faalt in CI: token elke run vernieuwen via sequence of regex.
- Regex lastig: gebruik add-on Regular Expression Tester.
-
Scans lopen eindeloos: altijd
maxScanDurationInMinsinstellen +exitStatus.
!
Naast HTTP GET, HTTP POST en HTTP PUT zijn er nog meer request methods zoals HTTP PATCH. ZAP ondersteunt dit nog (in 2025) niet.
Wanneer je PATCH in een sequence probeert te gebruiken, stopt de sequence bij de overview. Als je PATCH via een andere route probeert te implementeren, krijg je de volgende foutmelding:
java.lang.IllegalArgumentException: Method not supported: PATCH
Zest-scripts bieden geen directe ondersteuning voor logging naar stdout, zeker niet in headless modus. Wil je toch logberichten gebruiken binnen een Zest-script, dan zijn er enkele alternatieve werkwijzen:
- Gebruik de
ZestActionPrintom een waarde op te slaan in een variabele. - Log deze variabele via een secundair mechanisme, zoals:
- een custom scan rule
- een apart script dat de uitvoer verwerkt
Let op: standaard logging vanuit Zest werkt niet zoals je wellicht gewend bent bij andere scriptalen. Test dit goed bij gebruik in een pipeline.
In tegenstelling tot een normale webbrowser volgt ZAP een HTTP 303-redirect niet automatisch. Dit kan ertoe leiden dat een testscript stopt of faalt nadat een POST-verzoek een 303 See Other statuscode teruggeeft. Om dit gedrag te corrigeren, moet je de redirect handmatig afhandelen binnen je script of automation plan.
De HTTP 303-redirect bevat in de response-header een Location-veld met de URL waarheen het verzoek doorgestuurd moet worden. Om deze waarde te extraheren en te gebruiken in een volgend verzoek, volg je onderstaande stappen:
-
Maak een variabele aan via
Edit Assignment
Voeg in je script eenEdit: Set Variablestap toe.

-
Lees de
Location-header uit de response
Gebruik de optie om een variabele te vullen met de waarde van een specifieke header. -
Gebruik regex voor prefix en postfix
Stel een prefix-regex in (bijvoorbeeldLocation:) en een postfix-regex (zoals een newline of einde van de regel) om alleen de URL uit de header te isoleren. -
Gebruik de variabele in een volgend request
Je kunt de nieuwe URL uit deLocation-header vervolgens gebruiken in een opvolgendRequest-object of stap binnen je Zest-script of automation plan.

-
Deze aanpak vereist dat je werkt met Zest of met aangepaste scripting binnen je automation plan.
-
Test dit goed, want een fout in je regex kan ertoe leiden dat je een onvolledige of ongeldige URL gebruikt.